Kunstmest achter slot en grend

Sedert enige tijd moeten we voldoen aan de eisen gesteld in het Security Convenant Kunstmest (SCK)

Dit houd o.a. in dat we kalkamonsalpeter achter slot en grendel moeten opslaan.

Bovendien betekend het dat onze onderneming is opgenomen in een register van het MMF.

Geen opname of uitsluiting uit het register betekend dat producerende industrie niet meer mag leveren aan betreffende kunstmesthandelaar.

Dit betekend: Particulieren en / of  bedrijven zonder volledige identificatie zullen niet geleverd worden !!

Telefonische aanvragen offertes, zonder volledige identificatie  zullen derhalve niet gehonoreerd worden !!

Tevens betekend dit dat we een volledige registratie moeten bijhouden.

Enkele hoofdpunten hieruit:

1) Hoeveelheid in kg. stikstof en / of product

2) Datum waarop de levering of afname plaatsvond

3) de naam van de afnemer danwel het bedrijf van bestemming, onderscheidelijk van herkomst.

4)productomschrijving.

5) Wijze van verpakking

6)in geval van levering vanuit de opslaglocatie: het transportmiddel met kenteken en/of naam van de vervoerder

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Inhoudsopgave

 

 

 

Partijen3

 

In aanmerking nemende het volgende4

 

Komen als volgt overeen4

 

 

Artikel 1 Definities4

 

Artikel 2 Doel van het convenant5

 

Artikel 3 Reikwijdte5

 

Artikel 4 Verplichtingen met betrekking tot de opslag van stikstofhoudende anorganische meststoffen5

 

Artikel 5 Verplichtingen met betrekking tot de registratie van transacties met stikstofhoudende anorganische meststoffen5

 

Artikel 6 Aanvullende verplichtingen voor stikstofhoudende anorganische meststoffen6

 

Artikel 7 Verplichtingen van VROM6

 

Artikel 8 Wijziging en opzegging6

 

Artikel 9 Toetreding7

 

Artikel 10 Beheer7

 

Artikel 11 Evaluatie7

 

Artikel 12 Geschillen8

 

Artikel 13 Inwerkingtreding8

 

Artikel 14 Looptijd8

 

Artikel 15 Openbaarheid8

 

 

 

Bijlage 19

 

Bijlage 2 De ondernemingen die blijkens een verklaring toetreden tot convenant, de aangeslotenen10

 

 

 

 

 

1. De Minister van Volkshuisvesting,

Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

mevrouw J.M. Cramer, handelend als bestuursorgaan

en als vertegenwoordiger van de Staat der Nederlanden,

hierna te noemen: �VROM�,

 

 

 

2. De Minerale Meststoffen Federatie,

statutair gevestigd te ......., te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door PM functie PM naam,

hierna te noemen �MMF�,

 

 

 

 

3. De Vereniging van Kunstmest Producenten,

statutair gevestigd te....., te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door PM functie, PM naam,

hierna te noemen �VKP�,

 

 

 

 

4. De ondernemingen die blijkens een verklaring toetreden tot dit convenant in bijlage 2,

hierna te noemen: de aangeslotenen

 

 

 

 

Partijen 1 tot en met 3hierna te noemen: de partijen

 

 

 

 

 

 

IN AANMERKING NEMENDE HET VOLGENDE:

 

 

(1)De partijen zijn zich ervan bewust dat er een risico bestaat dat enkele stikstofhoudende anorganische meststoffen worden gebruikt voor andere doeleinden.

 

(2)De partijen erkennen dat de veiligheid van het gebruik van stikstofhoudende anorganische meststoffen als kunstmest reeds afdoende wordt geborgd in bestaande milieuregelgeving. Dit convenant richt zich op de beveiliging van de opslag van enkele stikstofhoudende anorganische meststoffen en de registratie van handelsactiviteiten met enkele stikstofhoudende anorganische meststoffen.

 

(3)De regering heeft in de Beleidsbrief bescherming vitale infrastructuur van 16 september 2005 aan de Tweede Kamer het voornemen neergelegd om de keten productie, opslag en distributie van ammoniumnitraat en ammoniumnitraathoudende producten aan een intensief bewakingssysteem te onderwerpen ter voorkoming van diefstal, analoog aan de huidige systematiek in de VS en het Verenigd Koninkrijk.

 

(4)De partijen erkennen dat een systematische traceerbaarheid van de keten van enkele stikstofhoudende anorganische meststoffen in Nederland een hulpmiddel kan zijn om potentieel misbruik tijdig op te sporen.

 

(5)De partijen erkennen de noodzaak om de beveiliging van de opslag van enkele stikstofhoudende anorganische meststoffen in alle fasen van de keten van productie tot gebruik te verbeteren.

 

(6)De partijen willen de traceerbaarheid van enkele stikstofhoudende anorganische meststoffenverbeteren door de registratie van handelsactiviteiten met deze meststoffen.

 

(7)De rijksoverheid heeft taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden op het gebied van openbare orde en veiligheid, crisisbeheersing, bescherming vitale infrastructuur en terrorismebestrijding.

 

(8)De Nederlandse Mededingingsautoriteit heeft kennisgenomen van dit convenant.

 

 

KOMEN ALS VOLGT OVEREEN:

 

 

Artikel 1 Definities

 

1.1Stikstofhoudende anorganische meststoffen: enkele meststoffen, als vermeld in de Bijlage I behorend bij dit convenant, die in de praktijk zijn gebruikt voor de moedwillige verstoring van de openbare orde en veiligheid;

1.2PGS 7: de publicatie nr. 7 in de publicatiereeks gevaarlijke stoffen die handelt over de opslag van vaste minerale anorganische meststoffen. (verwijzen naar offici�le publicatie 2007)

1.3Beveiliging: het treffen van voorzieningen om moedwillige verstoringen van de openbare orde en veiligheid door menselijk handelen tegen te gaan;

1.4Ongebruikelijke transacties of voorvallen: situaties waarbij afwijkingen worden geconstateerd in de koop, verkoop, overdracht, opslag of ontvreemding van stikstofhoudende anorganische meststoffen.

 

 

 

Artikel 2 Doel van het convenant

Het doel van dit convenant is om de opslag van stikstofhoudende anorganische meststoffen te beveiligen en de traceerbaarheid van stikstofhoudende anorganische meststoffen bij handelsactiviteiten te borgen.

 

Artikel 3 Reikwijdte

Dit convenant is van toepassing op de opslag van en handelsactiviteiten met stikstofhoudende anorganische meststoffen in Nederland.

 

Artikel 4 Verplichtingen met betrekking tot de opslag van stikstofhoudende anorganische meststoffen

4.1De MMF en VKP verplichten zich haar leden en andere ondernemers die stikstofhoudende anorganische meststoffen verhandelen te stimuleren om binnen ��n jaar na de vaststelling van de PGS 7, de beveiliging van opslaglocaties van stikstofhoudende anorganische meststoffen, zoals neergelegd in Hoofdstuk 9 Security van de PGS 7, te hebben ge�mplementeerd.

4.2De aangeslotenen verplichten zich om binnen ��n jaar na de vaststelling van de PGS 7 de beveiliging van opslaglocaties van stikstofhoudende anorganische meststoffen zoals neergelegd in Hoofdstuk 9 Security van de PGS 7, te hebben ge�mplementeerd.

 

Artikel 5 Verplichtingen met betrekking tot de registratie van transacties met stikstofhoudende anorganische meststoffen

5.1De MMF stelt een register in van ondernemers die stikstofhoudende anorganische meststoffen verhandelen. De MMF draagt zorg voor het beheer van dit register. De MMF heeft het register operationeel binnen 1 jaar na ondertekening van dit convenant en houdt dit register bij.

5.2Het register zal elektronisch toegankelijk zijn voor de ondernemers die in dit register zijn opgenomen.

5.3Ondernemers die zich laten registreren, dienen daarbij de volgende gegevens te overleggen:

-Handelsnaam of tenaamstelling, rechtsvorm en adres van iedere onderneming die de ondernemer voert in het kader waarvan stikstofhoudende anorganische meststoffen worden verhandeld;

-Nummer van de Kamer van Koophandel (indien van toepassing);

-(Opslag)locatie(s) van de ondernemer;

-Naam en bereikbaarheidsgegevens van de beheerder/contactpersoon.

5.4Ondernemers die zich laten registreren houden per onderneming een inzichtelijke administratie bij van alle geleverde en afgenomen hoeveelheden stikstofhoudende anorganische meststoffen, waarbij de volgende gegevens worden opgenomen:

-Hoeveelheden uitgedrukt in kilogrammen stikstof en/of product,

-De datum waarop de levering of de afname plaatsvond;

-De naam van de eindgebruiker dan wel van het bedrijf van bestemming, onderscheidenlijk van herkomst,

-Productomschrijving,

-Wijze van verpakking,

-In geval van levering vanuit de opslaglocatie, het transportmiddel met kenteken en/of naam van vervoerder.

5.5Ondernemers, die zich laten registreren melden ongebruikelijke transacties of voorvallen in de handel met stikstofhoudende anorganische meststoffen onverwijld aan de lokale politie.

5.6Ondernemers, die zich laten registreren houden ongebruikelijke transacties of voorvallen in de handel met stikstofhoudende anorganische meststoffen of bij opslag bij in een logboek en melden dit onverwijld bij een centraal meldpunt van de MMF.

5.7De MMF zal periodiek informatie over ongebruikelijke transacties of voorvallen uitwisselen met VROM en andere Rijksoverheidsinstanties op basis van een door partijen nader op te stellen protocol.

5.8Indien een registratie van een ondernemer in het register twijfel oproept, meldt de MMF dit aan VROM op basis van een door partijen nader op te stellen protocol.

 

Artikel 6 Aanvullende verplichtingen voor stikstofhoudende anorganische meststoffen

6.1De aangeslotenen leveren in Nederland stikstofhoudende anorganische meststoffen uitsluitend aan ondernemers die zijn opgenomen in het register als bedoeld in artikel 5.1, dan wel aan eindgebruikers met inachtneming van de administratieverplichtingen van artikel 5.4. Dit convenant stelt geen beperkingen aan de aangeslotenen voor leveranties aan afnemers buiten Nederland.

6.2De aangeslotenen leveren in Nederland stikstofhoudende anorganische meststoffen genoemd onder nr. 1 van Bijlage I uitsluitend aan bedrijven die deze meststoffen als grondstof verwerken in andere producten, voor zover deze bedrijven bij de MMF en VROM bekend zijn.

6.3De aangeslotenen leveren stikstofhoudende anorganische meststoffen genoemd onder nr. 1 van Bijlage I niet aan Nederlandse afnemers voor het gebruik als meststof in de landbouw.

 

Artikel 7 Verplichtingen van VROM

7.1VROM draagt zorg dat andere delen van de Rijksoverheid worden ge�nformeerd en betrokken bij de uitvoering van dit convenant.

7.2VROM zal op basis van een door partijen nader op te stellen protocol periodiek de informatie van de MMF over ongebruikelijke transacties of voorvallen uitwisselen met andere Rijksoverheidsinstanties om eventueel noodzakelijk vervolgacties te initi�ren.

7.3De VROM-Inspectie monitoort en rapporteert aan de begeleidingsgroep als genoemd in artikel 10.2 over de verplichtingen van ondernemingen en ondernemers overeenkomstig de artikelen 4 en 5.

7.4De VROM-inspectie zal de daartoe bevoegde gezagen verzoeken om van ondernemers die stikstofhoudende anorganische meststoffen verhandelen, die niet deelnemen aan het convenant en zich niet willen registreren in het register zoals vermeld in artikel 5.1, de eventuele milieuvergunning zo spoedig mogelijk aan te passen conform hoofdstuk 9 Security van PGS7, respectievelijkde de administratie te controleren.

7.5VROM zal in overleg met de bewindspersoon van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit bij de Europese Commissie een betere registratie bepleiten van de handel in stikstofhoudende anorganische meststoffen om de traceerbaarheid te vergroten en misbruik te voorkomen.

7.6VROM zal zich inspannen om maatregelen uit te vaardigen om de opslag van stikstofhoudende anorganische meststoffen bij de ondernemers en eindgebruikers te beveiligen.

 

Artikel 8 Wijziging en opzegging

8.1Indien er zich tussentijds omstandigheden voordoen die van dien aard zijn, dat een wijziging van dit convenant noodzakelijk is, zullen de partijen hiertoe zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen drie maanden nadat een partij de wens daartoe aan de andere partij (partijen) schriftelijk heeft medegedeeld, in overleg treden.

8.2De partijen kunnen alleen schriftelijk met wijziging van het convenant instemmen.

8.3Wanneer een partij het convenant opzegt, blijft het convenant voor de overige partijen in stand voor zo ver de inhoud en de strekking ervan zich daartegen niet verzetten.

8.4Elke partij kan dit convenant met inachtneming van een opzegtermijn van zes maanden schriftelijk opzeggen.

8.5Een aangeslotene kan alleen schriftelijk met inachtneming van een opzegtermijn van zes maanden zijn aansluiting te niet doen.

 

Artikel 9 Toetreding en aansluiting

9.1Organisaties, waarvan de leden betrokken zijn bij de productie, opslag, transport en handel in stikstofhoudende anorganische meststoffen kunnen als partij toetreden tot het convenant.De organisatie die wil toetreden als partij dient de verplichtingen die voor hen uit het convenant voortvloeien schriftelijk en zonder voorbehoud te aanvaarden.

9.2De organisatie die wil toetreden als partij maakt haar verzoek schriftelijk bekend aan VROM onder toelichting op welke wijze de in de artikelen 4, 5 en 6 genoemde verplichtingen zijn ge�mplementeerd

9.3De toetredende organisatie wordt partij van dit convenant na voldoening aan de in de artikelen 4, 5 en 6 genoemde verplichtingen en na indiening van een rechtsgeldig ondertekende verklaring tot toetreding bij dit convenant bij VROM.

9.4Ondernemingen, betrokken bij de productie, opslag, transport en handel in stikstofhoudende anorganische meststoffen kunnen zich aansluiten bij dit convenant. Een aansluitende onderneming dient de verplichtingen die voor hen uit het convenant voortvloeien schriftelijk en zonder voorbehoud te aanvaarden.

9.5De onderneming die wil aansluiten, maakt haar verzoek schriftelijk bekend aan VROM onder toelichting op welke wijze de in de artikelen 4, 5 en 6 genoemde verplichtingen zijn ge�mplementeerd

9.6De onderneming wordt aangeslotene van dit convenant na voldoening aan de in de artikelen 4, 5 en 6 genoemde verplichtingen en na indiening van een rechtsgeldig ondertekende verklaring tot aansluiting bij dit convenant bij VROM.

 

Artikel 10 Beheer

10.1VROM voert het secretariaat voor dit convenant.

10.2VROM richt binnen 1 maand na inwerkingtreding van het convenant een begeleidingsgroep op en draagt zorg voor het voorzitterschap.

10.3De partijen wijzen vertegenwoordigers aan voor deze begeleidingsgroep.

10.4De begeleidingsgroep rapporteert jaarlijks aan de partijen over de uitvoering van het
convenant v��r april van het daaropvolgende jaar. VROM geleidt de rapportage ter informatie door naar de Tweede Kamer.

10.5De begeleidingsgroep bewaakt de voortgang en begeleidt de uitvoering van de afspraken zoals benoemd in dit convenant.

 

Artikel 11 Evaluatie

11.1Na ��n jaar en minimaal eens per vijf jaar evalueert de begeleidingsgroep nut en noodzaak van dit convenant en toetst de uitvoering aan de doelstelling van het convenant.

11.2Partijen kunnen op basis van de evaluatie individueel of gezamenlijk overgaan tot opzegging, wijziging van het convenant conform de procedure in artikel 8.

11.3Deze evaluatie en toetsing zal worden verricht en een verslag daarvan zal worden opge­maakt door onafhankelijke deskundi­gen, die door de begeleidingsgroep worden benoemd.

11.4De begeleidingsgroep bepaalt de wijze van uitvoering van de evaluatie.

11.5De kosten van de onafhankelijke deskundige zijn voor rekening van VROM. Eventuele kosten van de evaluatie voor partijen worden door elke partij zelf worden gedragen.

11.6De begeleidingsgroep stuurt het evaluatierapport naar de partijen.

 

Artikel 12 Geschillen

12.1Dit convenant is niet in rechte afdwingbaar.

12.2Alle geschillen in verband met dit convenant of afspraken die daarmee samenhangen, worden binnen een termijn van 6 maanden in onderling overleg tussen de partijen opgelost of, bij gebreke van overeenstemming wordt het convenant be�indigd door de partijen gezamenlijk door opzegging. Een geschil bestaat, indien een van de partijen dat schriftelijk aan de andere partij(en) meedeelt.

 

Artikel 13 Inwerkingtreding

Het convenant treedt in werking op de dag van ondertekening en een wijziging van het convenant treedt in werking op de dag na bekendmaking in de Staatscourant.

 

Artikel 14 Looptijd

Dit convenant is gesloten voor de bepaalde duur van 5 jaar.

Partijen treden uiterlijk zes maanden voor het einde van de looptijd in overleg over voortzetting van dit convenant.

Partijen kunnen besluiten tot verlenging van de looptijd van het convenant voor maximaal 5 jaar.

 

Artikel 15 Openbaarheid

Binnen 1 maand na ondertekening van het convenant of een wijziging van het convenant wordt de zakelijke inhoud ervan gepubliceerd in de Staatscourant. Bij publicatie wordt verwezen naar de vindplaats van de tekst op internet en waar exemplaren van het convenant al dan niet tegen vergoeding verkrijgbaar zijn.

 

Aldus overeengekomen en in drievoud ondertekend te Den Haag, d.d. PM

 

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

 

 

 

 

 

J.M. Cramer,

 

 

De Minerale Meststoffen Federatie,

 

 

 

 

 

PM naam

 

 

De Vereniging van Kunstmest Producenten,

 

 

 

 

 

PM naam